We maken gebruik van cookies om zo de gebruikerservaring van onze website te verbeteren. Cookie Meer informatie

Home » Taalhulpmiddelen Spaans » Spaanse Literatuur » Geschiedenis van de Spaanse Literatuur » Realisme

De Geschiedenis van de Spaanse Literatuur

Het realisme

Het realisme is ontstaan uit een reactie op de heersende romantiek in de eerste helft van de 19e eeuw. De opstanden uit 1848 van de Bourgeoisie veranderden de literaire voorkeur. De Bourgeoisie heerste in deze opstanden en de sociale klasse was bekend geworden om haar excellentie in de 20e eeuw. Economisch liberalisme verscheen ook tijdens deze revoluties. Kapitalisme zegevierde en de rijkdom van het land steeg. De adel had de macht in handen, waardoor bloedbanden en familiebanden hersteld werden. Als gevolg ontstonden er grote fortuinen. In tegenstelling ontstonden er tevens de eerste bewegingen van de arbeiders. Het socialisme en het idee van een klassentrijd onderbrak de sociale banden.

In dit tijdperk van historische veranderingen begon de kunst de realiteit te analyseren. Om deze analyse toe te passen werd de manier waarop zij het leven zagen veranderd. Geschiedenis en mythologie verloren belang toen de kunstenaars de realiteit waar ze in leefden begonnen te portretteren.

In de literatuur werd de roman het meest belangrijk en niet de historische of romantische romans. Naar waarheidsgetrouw schrijven werd gewaardeerd. Deze visie kon in twee interpretaties verdeeld worden: het realisme en het naturalisme.

Het realisme: deze denkstroming zocht op een objectieve manier naar de waarneming van de werkelijkheid. Het verhoogde de sociale kritiek en zocht vervolgens naar thema's die ontleent konden worden aan de Bourgeoisie. Op zijn beurt was dit soort realisme weer op te splitsen in twee takken. De eerste tak is conservatief en puur esthetisch, met als belangrijkste vertegenwoordigers Juan Valera, auteur van 'Pepita Jiménez' en José Maria de Pereda, auteur van 'Peñas arriba'. De andere tak was een progressieve samenleving. Het werd gekenmerkt door de alwetende verteller die in een sobere stijl altijd de hoofdpersoon portretteerden vanuit een kritisch oogpunt. De auteur was een 'god-achtige' schepper van de roman en wist al van te voren de verhaallijn.

Binnen deze tak is er ook Leopardo Alas 'Clarín' met zijn roman 'La Regenta' en Benito Pérez Galdós, een zeer productief auteur die onder andere het historische paradigma 'Episodios Nacionales' schreef. Dit zorgde voor een diepgaande sociale verandering en viel de religieuze intolerantie aan.

Het naturalisme: Dit werd sterk beïnvloed door progressieve realisme, maar is ook opgenomen in de nieuwe filosofische stromingen uit die tijd, zoals het determinisme. Hierbij was de mens gebonden aan zijn lot en kon niets doen dat te veranderen. Het kwam ook voort uit de experimentele socialisme die destijds gangbaar was. De mens was gewoon een product van de omgeving waarin het zich bevond, naast zijn erfelijkheid.

De belangrijkste vertegenwoordigers in Spanje waren Emilia Pardo Bazán met 'Los Pazos de Ulloa' en Vincente Blasco Ibáñez met 'La Barraca' en 'Cañas y Barro'. Deze romans portretteerde de landelijke omgeving van de 19e eeuw.

Tot slot eindigde het realisme in het romantische idealisme. Alle subjectiviteit van de voormalige beweging werd verdrongen door deze objectieve beweging. Het empirisme (idee dat kennis voortkomt uit ervaring) begon tijdens de verlichting en bereikte zijn hoogtepunt in onderzoek naar de samenleving. Dit gebeurde echter meer in romanvorm dan in een essay. De verspreiding van deze ideeën werd bereikt door folletíns (kleine boekjes die periodiek verkocht werden nadat er voldoende van waren verkocht).