We maken gebruik van cookies om zo de gebruikerservaring van onze website te verbeteren. Cookie Meer informatie

Home » Taalhulpmiddelen Spaans » Spaanse Literatuur » Geschiedenis van de Spaanse Literatuur » De romantiek

De Geschiedenis van de Spaanse Literatuur

De Romantiek

Met het einde van de adel en de opkomst van de burgerij als dominante klasse verschenen er nieuwe liberale klassen. Met hen kwam er een nieuwe culturele beweging in opmars die voornamelijk op het literaire veld aanwezig was: de romantiek. Het begon een revolutie zo groot, dat veel ideeën die daaruit zijn voortgekomen nog steeds van kracht zijn; het individu als middelpunt in de samenleving, uiterlijk van de sociale klassen, de rechten van het volk en de democratie als overheidsvorm...

De romantische schrijvers probeerden de middeleeuwen te recreëren. Ze zochten naar nieuwe idealen die overgedragen konden worden naar de literatuur. In een heropleving van de roman en in het bijzonder de historische roman, welke de middeleeuwen opnieuw zou hervormen. Men wilde een nieuwe roman ontwikkelen die een combinatie van ware historische figuren en fictieve figuren zou bevatten. Het meest voor de hand liggende voorbeeld is 'Ivanhoe' van Sir Walter Scott. Dit paradigma had de roman die had opgehouden te bestaan tijdens de verlichting weer tot leven gebracht. De romantische schrijver voelde zich bevrijd van alle kritiek van het verlichte didactische genre. Boeken hoefden niet langer meer educatieve doeleinden te hebben, maar waren een manier van vermaak en bedoeld de lezer mee te nemen naar een doen-geloven verhaal. Het fantasierijke was niet langer meer weerzinwekkend.

De romantische schrijver had een dramatische visie op de wereld. Hij voelde zich onbegrepen en zocht naar een ontsnapping. Dit verlangen nam één van de twee vormen aan: de reizen op zoek naar avontuur (bv. Lord Byron gaat naar Griekenland), wat leidde tot het ontstaan van het exotisme; of als tweede, zelfmoord.

De romantiek bereikte Spanje wat later. Gedurende de Napoleontische periode was Spanje gevangen in de Onafhankelijkheidsoorlog (1808 - 1812). Uiteindelijk werd Fernando VII gekroond tot koning. Hij zou de meest geliefde koning worden, maar werd in plaats daarvan de meest gehate. Bij aankomst stopte hij elke poging tot het creëren van een democratie met de onderdrukking van de Grondwet van 1812 en met de vervolging van alle liberale bewegingen.

Journalistiek was sterker dan ooit tijdens de Verlichting en de belangrijkste auteur van de Spaanse romantische literatuur verscheen: Mariano José de Larra. In zijn artikelen beeldde hij de samenleving om hem heen uit op een kritische en vernietigende manier. Zijn leven werd overvoed door de romantische gedachtegang. Zo veel zelfs, dat het zijn tragische dood heeft veroorzaakt door zelfmoord.

José de Espronceda was een van die grote romantici. In zijn gedichten verschenen de belangrijkste romantische thema's. Echter zijn meest bekende gedicht is het 'Canción del Pirata' (Lied van een Piraat). Als een idealist die niet behoorde tot de normale samenleving door het leven op een boot en het zoeken naar avontuur, was de piraat een symbool van de vrijheid. Hij paste perfect in de romantische gedachtegang.

Vervolgens verschenen twee van de grootste namen uit de Spaanse Romantiek: Gustavo Adolfo Bécquer en Rosalía de Castro. Gustavo Adolfo Bécquer was bekend om zijn 'Rimas y Leyendas' (Rijmen en Legendes). Zijn rijmen introduceerden nieuwe maten vol ritme en muzikaliteit. Het waren gedichten die spraken over liefde en poëtische creativiteit. De legendes waren korte prozateksten die populaire legendes recreëerde dankzij de auteur. Rosalía de Castro was een vrouwelijke auteur die in het Galicisch schreef. Haar lyrische werken bereikten onoverkomelijke successen binnen de vrouwelijke literatuur van de 19e eeuw.

De roman verscheen ook in Spanje in zijn historische paradigma, zoals 'El Señor de Beimbre' door Enrique Gil y Carrasco. Hierin reconstrueerde hij het verhaal van de Tempelier ridders in Bierzo (regio in León). Deze historische roman is gecreëerd op fantasierijke gebeurtenissen die gebaseerd waren op de realiteit. Hij combineerde echte historische personages met denkbeeldige personages in zijn gretigheid om de geschiedenis te begrijpen en te herschrijven. Hij probeerde niet te onderwijzen, maar wilde de huidige werkelijkheid afleiden uit eerdere gebeurtenissen. Dit paradigma is tot op vandaag de dag nog aanwezig, ondanks het verlies van haar belang tijdens de realisme beweging aan het eind van de 19e eeuw.